Deel 1: Slim aanpakken — je plan voor lange teksten — Op de echte Doorstroomtoets zijn de leesteksten lang: zo'n 300 tot 400 woorden, met wel 4 tot 6 vragen per tekst.
Deel 2: Training 1 — een lange informatieve tekst — De zeehondenopvang van Terdam Aan de rand van het dorp Terdam, vlak achter de dijk, staat een bijzonder gebouw: de zeehondenopvang.
Deel 3: Training 2 — een lang verhaal — De nacht van de vallende sterren Sanne kon niet slapen.
Deel 4: Terugkijken — wat neem je mee naar de echte toets? — Twee lange teksten, zestien vragen — dat is een flinke leestraining!
Blad 1 is de uitleg per deel met een uitgewerkt voorbeeld, daarna de vragen (zeven per blad), en als laatste de antwoorden met één zin uitleg.
Voorbeeldvragen
1. Je krijgt een lange tekst met zes vragen. Wat is de slimste eerste stap?
A.De tekst één keer rustig doorlezen, zodat je weet waar alles staat
B.Alle zes de vragen uit je hoofd leren voordat je begint te lezen
C.Alleen de eerste alinea lezen en dan meteen de vragen maken
D.De hele tekst woord voor woord uit je hoofd leren
2. Je hebt een tekst globaal gelezen. Wat weet je daarna?
A.Waar elk onderwerp ongeveer in de tekst staat
B.Alle details en getallen uit je hoofd
C.De hele tekst woord voor woord
D.Het antwoord op elke vraag
3. Waarom is het handig om bij een leestoets terug te bladeren naar de tekst?
A.Omdat de tekst het bewijs bevat voor het juiste antwoord
B.Omdat terugbladeren meer punten oplevert dan uit je hoofd antwoorden
C.Omdat je zo de tekst uit je hoofd leert
D.Omdat de toets dit verplicht stelt
4. Vraag 3 is heel lastig; je zit er al drie minuten op te puzzelen. Wat is de slimste keuze?
A.De vraag overslaan en er aan het einde op terugkomen
B.Net zo lang doorpuzzelen tot je het zeker weet
C.Stoppen met de hele tekst en niets meer invullen
D.Snel iets aankruisen en er nooit meer naar kijken
5. Je hebt 12 minuten voor een tekst met 6 vragen. Hoeveel tijd heb je dan ongeveer per vraag?
A.Ongeveer twee minuten
B.Ongeveer zes minuten
C.Ongeveer vier minuten
D.Ongeveer een halve minuut
De antwoorden staan op het laatste blad van het werkblad. Op het scherm krijgt een kind bij elke vraag uitleg op drie niveaus.