Studievaardigheden voor de Doorstroomtoets — informatie zoeken in tabellen, kaarten, schema's.
Studievaardigheden bij de Doorstroomtoets test of je informatie kunt opzoeken en gebruiken. Dat kan op een kaart, in een tabel, in een atlas, of via een schema.
Bij studievaardigheden krijg je vaak een tabel of een grafiek en moet je daar informatie uit halen.
De toets test of je weet hoe je dingen opzoekt in een boek of atlas.
Een schema geeft veel informatie kort weer met kaders, pijlen en woorden.
Mix-toets in Doorstroomtoets-stijl. Door elkaar: kaart, tabel, woordenboek, schema.
In deze stap oefen je verder met kaarten en plattegronden — nu zonder rekenen aan schaal, maar met goed kijken en logisch denken.
Bussen, treinen, openingstijden, prijslijsten: overal tabellen. Bij de Doorstroomtoets moet je er snel en foutloos in kunnen kijken.
Voor een werkstuk of spreekbeurt zoek je informatie. Maar niet alles wat je vindt is waar of bruikbaar. Deze stap gaat over slim zoeken en kritisch kijken.
Een lange tekst wordt behapbaar als je er een schema van maakt: een woordweb, een tabel of een stappenplan. Bij de Doorstroomtoets moet je zulke schema's kunnen lezen én aanvullen.
Woordenboek, register, atlas-register, afkortingenlijst: allemaal naslagwerken die op alfabet staan. Wie het alfabet-spel snapt, vindt alles razendsnel.
Schaal 1:100.000. 3 cm op kaart = ... in werkelijkheid?
Wil je het antwoord en uitleg op 3 niveaus? Open dit pad in de app →