Economie eindexamen VMBO-GL/TL 2025 tijdvak 2 — vraag 16 van 5

De algemene heffingskorting is hoger voor mensen met een lager inkomen. Leidt de algemene heffingskorting tot een nivellering of een denivellering van de inkomensverdeling in een land?

Antwoordopties:
  1. Tot denivellering: het verandert in het voordeel van de hoge inkomens.
  2. Tot denivellering: het verandert in het voordeel van de lage inkomens.
  3. Tot nivellering: het verandert in het voordeel van de hoge inkomens.
  4. Tot nivellering: het verandert in het voordeel van de lage inkomens. ✓
Het juiste antwoord is D: Tot nivellering: het verandert in het voordeel van de lage inkomens.

Nivellering = inkomensverschillen worden KLEINER. Denivellering = inkomensverschillen worden GROTER. Een hogere korting voor lage inkomens = lage inkomens houden relatief meer over = verschil tussen arm en rijk wordt kleiner = NIVELLERING in voordeel van lage inkomens.

Stap voor stap uitgelegd

  1. Wat doet de heffingskorting?

    Korting op te betalen IB. HOGER voor lage inkomens, LAGER voor hoge inkomens.

  2. Wie heeft daar voordeel bij?

    Lage inkomens — zij krijgen meer korting → houden relatief meer over.

  3. Wat doet dat met inkomensverschillen?

    Verschil arm ↔ rijk wordt KLEINER (laag krijgt erbij, hoog niet). = NIVELLERING.

  4. Welke optie?

    Nivellering + voordeel laag = D.

Wat moet je weten om deze vraag te kunnen beantwoorden?

  1. Woordenschat po-1F
    begrijpen 'heffingskorting', 'nivellering', 'denivellering', 'inkomensverdeling'
  2. Begrijpend lezen — strategie po-1F
    2 dimensies tegelijk: nivellering/denivellering EN voordeel hoog/laag — eliminatie
  3. Belasting vmbo-3
    heffingskortingen + IB-systematiek + herverdeling — kern van deze examenvraag
🎓 Officiële bron
Dit is een echte examenvraag uit het Centraal Schriftelijk Eindexamen Economie VMBO-GL/TL 2025 tijdvak 2.
Bekijk de volledige examenopgaven op examenblad.nl (PDF).
Oefen deze vraag interactief in Leerkwartier →